Tussenkomst van minister Labille tijdens zijn ontmoeting met de Congolese civiele maatschappij

Datum: 10 maart 2014

Andris Piebalgs & Jean-Pascal Labille

Deze middag zaten we samen met vertegenwoordigers van de Congolese civiele samenleving. Tijdens die ontmoeting heb ik de aanwezige organisaties op het hart gedrukt dat onze aandacht voor een versterking van de burgerverenigingen voortkomt uit de vaste overtuiging dat een sterke, verantwoordelijke en goed georganiseerde civiele samenleving bijdraagt tot ontwikkeling en de democratie.

Die civiele samenleving hoeft de overheid geen vrees in te boezemen en de overheid mag die civiele samenleving niet zien als een concurrent, of erger nog, als een vijand. Dat geldt ook omgekeerd.

Onze wens is dat de civiele samenleving, die zeer zeker verscheiden is maar ook in staat is om haar krachten te bundelen, haar eigen steentje kan bijdragen tot de ontwikkeling van het land.

Daarnaast wensen we ook dat die samenleving, dankzij het toezicht van de burgers, maar ook en vooral door zelf het voortouw te nemen en voorstellen te doen, nog meer kan bijdragen tot een beter overheidsbeleid op het gebied van ontwikkeling, economie, sociale voorzieningen, democratie, cultuur, mensenrechten en justitie.

Dat geldt des te meer voor alles wat te maken heeft met veiligheid. De uitdagingen op dat vlak zijn immens en de hervorming van de veiligheidssector belooft een werk van lange adem te worden, dat een aanhoudend engagement over verscheidene tientallen jaren zal vergen. We kunnen pas van een duurzame vrede in de DRC spreken wanneer met dat element, samen met nog andere elementen, rekening wordt gehouden. Deze hervorming moet bovendien worden doorgevoerd in overleg met de drie kerndomeinen, namelijk het leger, de politie en justitie. De civiele samenleving kan deze langetermijninspanningen op een constructieve manier begeleiden door bij elke stap te herinneren aan de beginselen van de rechtsstaat.

Een geslaagde dialoog tussen de staat en de civiele samenleving vereist de vervulling van heel wat voorwaarden. Mijn persoonlijke ervaring leert mij dat zo'n dialoog, hoe moeilijk of hoe kritisch ook, en ondanks het feit dat die soms mislukt, de partners niet verzwakt, maar ze integendeel onderling versterkt.

Jean-Pascal Labille
Minister van Ontwikkelingssamenwerking