Toespraak Minister Labille op de Diplomatieke Dagen

Datum: 04 februari 2013

Dames en heren Ambassadeurs
Dames en heren Consuls-generaal,
Dames en heren,
Beste collega's,

Het is zowel een genoegen als een eer om u in het kader van deze diplomatieke dagen toe te spreken. Ik maak van deze gelegenheid gebruik om u uit te leggen hoe ik de volgende maanden als minister van Ontwikkelingssamenwerking tegemoet ga.

Beleidscoherentie voor ontwikkeling

Verre van verzwakt, dreigt de economische crisis en haar desastreuze gevolgen voor de overheidsfinanciën van ons land het fundamentele belang van de internationale solidariteit te verhullen, wat zware gevolgen kan hebben in een steeds verder geglobaliseerde wereld.

Het is in deze context essentieel om een doeltreffend beleid rond ontwikkelingssamenwerking te voeren, dat voldoende uitgerust is om een antwoord te bieden op de grote globale uitdagingen van vandaag. Ik zal de prioriteiten van Paul Magnette behouden, namelijk de beleidscoherentie voor ontwikkeling en de doeltreffendheid van de officiële Belgische ontwikkelingshulp.

De beleidscoherentie voor ontwikkeling is een proces dat wil verzekeren dat de doelstellingen en resultaten van het ontwikkelingsbeleid van een overheid niet tegengewerkt worden door het beleid van deze overheid op andere domeinen die een impact heeft op de ontwikkelingslanden, en dat deze andere beleidsdomeinen waar mogelijk de ontwikkelingsdoelstellingen steunen.

Het werk is omvangrijk: 2012 heeft de verschillende actoren van de Ontwikkelingssamenwerking de mogelijkheid gegeven om zich het concept toe te eigenen tijdens de Staten-Generaal van de Ontwikkelingssamenwerking. De herziening van de wet van 25/05/1999 op de internationale samenwerking heeft de beleidscoherentie voor ontwikkeling voor het gehele federale beleid een wettelijke basis gegeven.

2013 zal de lancering zien van een operationeel systeem door middel van de oprichting van een Interministeriële Conferentie, een Interdepartementale commissie en een Adviesorgaan, en door de ontwikkeling van een test rond de impact en het toepassingsveld ervan.

Doeltreffendheid van de niet-gouvernementele en multilaterale hulp

De effectiviteit van de Belgische officiële ontwikkelingshulp blijft de tweede prioriteit van de Belgische ontwikkelingssamenwerking.

Een nieuw Koninklijk Besluit betreffende de subsidiëring van de actoren van de niet-gouvernementele samenwerking is uitvoerig besproken geweest met de sector. Het beoogt een betere afstemming van de interventies van ngo's, vakbonden, universiteiten, steden en gemeenten, enz. op de behoeften van hun partners, meer complementariteit en synergie tussen, onder meer Belgische, actoren en een betere taakverdeling tussen hen, op basis van hun comparatieve voordelen en specialiteiten. Het zal ook de complementariteit tussen de interventies van de niet-gouvernementele actoren en de ‘landen’-programma’s van de gouvernementele samenwerking stimuleren.

2012 was ook het jaar van de vernieuwde lijst van multilaterale organisaties waarmee we een engagement op lange termijn aangaan. Het is een traditie dat we deze organisaties in hun algemene werking steunen, door middel van wat we core-funding noemen. Wij wensen de winsten van dit beleid te verzilveren door de Belgische invloed op het beleid van onze multilaterale partnerorganisaties te laten toenemen. Er zullen in die zin instructies worden voorbereid voor onze officieren die op post zijn en voor de centrale administratie.

Nieuwe wet op de Ontwikkelingssamenwerking

De paradigma's veranderen, de praktijk ook…

De nieuwe wet betreffende de Ontwikkelingssamenwerking, die eind 2012 in de Kamer van Volksvertegenwoordigers werd aangenomen, vernieuwt het algemene kader van de federale samenwerking. Door de capaciteitsversterking van de ontwikkelingslanden, bestaat zijn algemene doelstelling uit de duurzame menselijke ontwikkeling, met bijzondere aandacht voor de uitroeiing van de armoede, de uitsluiting en de sociale ongelijkheid.

Hoewel de verwezenlijking van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling (MDG's) tot 2012 een grote uitdaging blijft, zal het debat  rond wat er na 2015 moet gebeuren zowel nationaal als internationaal cruciaal zijn in de komende maanden. Dit debat moet participatief zijn en berusten op een diagnose van de sterktes en de zwaktes van het kader dat door de MDG’s voorgesteld wordt, en van de behaalde resultaten.

Dit is de reden waarom België zal pleiten voor een nieuw kader dat de doelstellingen rond duurzame ontwikkeling integreert, waarbij bijzondere aandacht uitgaat naar de minst ontwikkelde landen en de meest kwetsbaren, voor een op rechten gebaseerde ontwikkeling zoals het recht op ontwikkeling, gezondheidszorg, het recht op onderwijs, het recht op water en voeding en het recht op energie voor iedereen.

Steun aan de privésector en BIO

Behalve de overheid is de privésector ook een actor waarmee rekening moet worden gehouden op het gebied van de ontwikkeling. De Ontwikkelingssamenwerking is trouwens ook gericht op de ondersteuning van de ontwikkeling van de lokale privésector.

De Belgische Ontwikkelingssamenwerking zal er in dit perspectief voor zorgen dat de middelen die binnen de Belgische investeringsmaatschappij BIO beschikbaar zijn, onder meer de kleine boeren en niet de grote landbouwbedrijven bevorderen. Het zijn inderdaad paradoxaal genoeg zij die het land bewerken die de ergste honger lijden in de wereld, en het zijn dus ook zij die het best een antwoord kunnen bieden op de lokale voedselnoden.

Dit is één van de aspecten waarmee rekening zal worden gehouden voor de hervorming van het mandaat van BIO.

De hulpstromen en de aard van de betrokken actoren worden steeds veelzijdiger.

De nieuwe actiepistes bestaan uit het bevorderen van het lokale bedrijfsleven en van innoverende financieringsbronnen voor ontwikkeling, het stimuleren van structurele verandering, en de ontwikkelingseconomieën in een positief proces van herverdeling engageren. De Belgische Ontwikkelingssamenwerking wenst zich hiertoe te richten op een strategie van steun aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen in ontwikkelingslanden, aan de institutionele versterking van de Staat om zo een gunstig klimaat te scheppen voor de ontwikkeling van de sociale economie, van projecten die duurzame en waardige jobs creëren, maar ook van initiatieven die de sociale rechten en de milieu-evenwichten respecten.

Diverse aanbevelingen uit de evaluatie door de Bijzonder Evaluator zullen de samenhang, de doeltreffendheid en de relevantie van de BIO-interventies voor ontwikkeling verbeteren. Deze oriëntatie zal de lokale privésector een hefboom bieden ten dienste van de ontwikkeling.

Humanitaire hulp en crisissen in de wereld

Humanitaire hulp is een ander gebied waarin de Ontwikkelingssamenwerking actief is. Die is gericht op het redden van levens en het verlichten van het lijden door de slachtoffers van de gevolgen van een natuurramp of gewapend conflict. Deze bijstand wordt verleend in functie van de behoeften van deze slachtoffers. Het gaat bijvoorbeeld om voedsel-, nutritionele of medische hulp.

Om deze doelstellingen te bereiken, wordt het budget verdeeld over de verschillende humanitaire actoren, afhankelijk van de behoeften die eigen zijn aan elke crisissituatie. België kan dus multilaterale organisaties financieren - de VN-agentschappen zoals OCHA (Office for the Coordination of Humanitarian Affairs), het UNHCR (het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen), het WFP (World Food Programme), de FAO (de Voedsel- en Landbouworganisatie) en hun flexibele fondsen - maar ook de projecten van niet-gouvernementele actoren - zoals het ICRC (Internationaal Comité van het Rode Kruis), de ngo's (niet-gouvernementele organisaties), enz.

Op humanitair vlak werd 2012 helaas gekenmerkt door grote rampen, die ons in 2013 zullen blijven mobiliseren. De situaties die in mijn ogen het meest zorgwekkend zijn, zijn de voedselcrisis in de Sahel, de complexe crisis in Centraal-Afrika, het Syrische gewapende conflict, het dagelijkse geweld in Palestina, de humanitaire situatie in Afghanistan en, ten slotte, de aanhoudende problemen tussen Soedan en Zuid-Soedan. Crisissen zijn echter per definitie onvoorspelbaar, en het is dan ook niet uitgesloten dat er zich helaas ook andere crisissen aan deze lijst toevoegen.

Sahel

De recente gebeurtenissen in Mali hebben de Belgische Ontwikkelingssamenwerking genoodzaakt bepaalde maatregelen te treffen, en dit al vanaf maart 2012. De projecten die in het noorden van Mali lopende waren, werden eenzijdig opgeschort omdat de uitvoering ervan niet kon gewaarborgd worden door de onveiligheid. De institutionele steun aan de ministeries bevoegd voor onze concentratiesectoren werd op haar beurt bevroren.

Maar België heeft zijn steun aan de projecten van de civiele maatschappij (ngo’s) en aan de humanitaire hulp behouden. Wat de gouvernementele samenwerking betreft, konden de activiteiten die de bevolking als directe begunstigde hebben sinds mei 2012 hervat worden. Ik zal de overgebleven saldi van de goedgekeurde projecten in het noorden in overleg met de Malinese regering een nieuwe bestemming geven, en dit in functie van de politieke evolutie.

De voorbereiding van een nieuwe programmering werd overigens opgeschort. Afhankelijk van de politieke evolutie in het land, zal België aan een gezamenlijke programmering met de EU deelnemen. België zal zich ook voor elke - ook gedeeltelijke - hervatting van de activiteiten coherent opstellen met de andere donoren, waaronder de EU en ECOWAS.

In aanvulling op de militaire interventie in Mali en de humanitaire gevolgen daarvan, wordt er bijzondere aandacht besteed aan de veiligheid van het personeel dat op het terrein aan de uitvoering van de samenwerkingsprojecten werkt.

Ik wens tot slot te herinneren aan de regionale benadering van de inzet in de Sahel, omdat droogte en honger geen grenzen kennen.

Syrië

Het is nu bijna twee jaar geleden dat het gewapende conflict in Syrië losbarstte. De gewelddadige gevechten verzwaren de balans elke dag opnieuw. We hebben het nu over 60.000 doden, 2 miljoen ontheemden, 500.000 vluchtelingen en 4 miljoen mensen die humanitaire hulp nodig hebben.

In aanvulling op de jaarlijkse financiering die België jaarlijks aan humanitaire actoren en flexibele noodfondsen toekent, werd in 2012 een bedrag van € 2 miljoen aan de Syrische crisis gewijd. Dat maakte hulp mogelijk aan het ICRC in Syrië, aan het Belgische Rode Kruis om zijn activiteiten van vervoer van gewonden te verstevigen en, ten slotte, aan de activiteiten van UNRWA voor de Palestijnse vluchtelingen.

In het kader van de donorconferentie die onlangs in Koeweit plaatsvond, kondigde België een bijdrage van 6,5 miljoen euro aan. Het doel was gehoor te geven aan de dubbele oproep aan de internationale gemeenschap. Om een antwoord te bieden op de behoeften op het Syrische grondgebied, draagt de Ontwikkelingssamenwerking bij tot de activiteiten van het World Food Programme (WFP) rond voedselhulp aan Syriërs en aan het Syria Emergency Relief Fund (ERF) van het Agentschap voor de coördinatie van de Humanitaire Hulp (OCHA). Dit gewapende conflict heeft ook gevolgen voor de buurlanden van Syrië. Dit is de reden waarom België ook steun zal bieden aan het vluchtelingenkamp Za'atri in Jordanië, dat beheerd wordt door de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR).

Centraal-Afrika

Centraal-Afrika staat helaas ook bekend om de uitdagingen die er zich in termen van humanitaire hulp stellen. In 2012 financierde België verschillende VN-fondsen om de inspanningen in de regio te ondersteunen. De Belgische Ontwikkelingssamenwerking biedt ook hulp aan het Panzi-ziekenhuis, waar Dr Mukwege hard werkt. Hij heeft, en terecht, de bijnaam van “de man die vrouwen herstelt”. Dat is een concrete manier om genderkwesties in het middelpunt van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking te zetten. Dr. Mukwege, die in 2011 de Koning Boudewijnprijs voor Ontwikkelingswerk ontving, herinnert ons niet alleen aan het vitale belang van zijn strijd voor de Congolese bevolking, maar ook dat het van essentieel belang is dat België de toestand in Oost-Congo bovenaan de internationale agenda blijft houden. De recente opleving van het geweld in de regio, met name als gevolg van de M 23, heeft de Belgische Ontwikkelingssamenwerking ertoe gebracht wat afstand te nemen van een aantal partners, zowel met betrekking tot Rwanda als tot Oeganda.

Wettelijk en strategisch kader

De Belgische humanitaire hulp wordt deels toegekend in het kader van het KB van 1996 betreffende noodhulp en wederopbouwhulp op korte termijn. Dit wettelijke kader moet om verschillende redenen worden bijgewerkt: de nieuwe wet op de ontwikkelingssamenwerking werd aangenomen, de behoeften vereisen steeds meer flexibiliteit in de toewijzing van de middelen en de doeltreffendheid van de hulp moet worden verbeterd. Het is om die reden dat de administratie begin dit jaar een raadpleging van de humanitaire actoren organiseert.

Deze raadpleging zal het ontwerp van de herziening van het KB van 1996 versterken, maar ook de Belgische strategie rond humanitaire hulp kunnen afronden. Dit document zal nuttig zijn voor de medewerkers op post. Het zal namelijk zorgen voor de afstemming van de crisisbenadering, en ook van de analyse van de antwoorden die de Belgische ontwikkelingssamenwerking hier eventueel op kan geven.

Tot slot

In aanvulling op de punten die ik zojuist heb besproken, zullen de komende jaren ons hun aandeel uitdagingen blijven bezorgen waarop we een politiek antwoord moeten formuleren. Ik denk onder meer aan de uitdagingen op het gebied van gezondheid, onderwijs, voedselsoevereiniteit, gelijkheid tussen mannen en vrouwen, universele sociale bescherming, waardig werk en milieubescherming.

De fundamenten van het nieuwe ontwikkelingskader voor na 2015 worden al op internationaal niveau besproken. Dit kader moet de doelstellingen bepalen die de Millenniumdoelstellingen voor Ontwikkeling, die in 2000 werden aangenomen, zullen opvolgen, en zal hier ook de Doelstellingen van Duurzame Ontwikkelingen in moeten integreren.

Er is dus geen gebrek aan werkpistes voor de rest van legislatuur. Ik ben van plan om al mijn energie te investeren om ze concreet te maken, zonder daarbij uit het oog te verliezen dat de ontwikkelingshulp een essentiële rol moet blijven spelen in de herverdeling van de rijkdom en in de strijd tegen de ongelijkheid.

Ik dank u voor uw aandacht.