Voedselprogramma’s moeten aandacht verleggen van behandeling naar preventie om aan Afrikaanse behoeften te voldoen

Datum: 29 januari 2014

Somaliland

Voedselprogramma’s van buitenlandse donoren in Afrika spitsen zich meestal toe op behandelingen en technische oplossingen zoals vitamine- en mineralensupplementen. Dit terwijl Afrikaanse onderzoekers en beleidsmakers vragen om gemeenschapsmaatregelen om voedselproblemen te voorkomen, niet alleen te verhelpen. Daarnaast willen zij dat Afrika onderzoeksprioriteiten in eigen handen neemt. Dit zijn de bevindingen van het door de EU gefinancierde SUNRAY-project (‘Sustainable nutrition research for Africa in the years to come’), die deze week in het vakblad PLOS Medicine verschijnenNo label found for: as_externallink.alttag.

“In Benin, bijvoorbeeld, voeren internationale organisaties programma's uit om acute ondervoeding uit te roeien. Het echte probleem in dit land is echter niet acute, maar chronische ondervoeding,” aldus dr. Eunice Nago Koukoubou van de Université d'Abomey-Calavi in Benin. Volgens demografisch en gezondheidsonderzoek in dit West-Afrikaans land steeg het aantal kinderen jonger dan vijf jaar met een groeiachterstand van 25% in 1990 naar 45% in 2011. Bijna één op drie van hen kampt met een ernstige groeiachterstand. Terwijl ondervoeding wereldwijd afneemt, hinken de meeste Afrikaanse landen op dit vlak achterop.

Afrikaanse onderzoekers waarschuwen ook dat de huidige onderzoeksagenda voornamelijk gestuurd wordt van buiten Afrika. Ze vragen meer inspanningen om trans-Afrikaanse onderzoeksnetwerken en interactie tussen onderzoekers en beleidsmakers te bevorderen.

“Als Afrika honger en ondervoeding wil verslaan, moet het de onderzoeksprioriteiten in eigen handen nemen. Onderzoek in Afrika is meestal beschrijvend en brengt te weinig nieuwe feiten aan het licht. Het meeste onderzoek wordt gestuurd door prioriteiten die de donoren bepalen en het wordt uitgevoerd in samenspraak met onderzoekers uit rijke landen, terwijl de samenwerking binnen Afrika zeer gebrekkig blijft,” zei Nago Koukoubou.

Volgens projectcoördinator prof. Patrick Kolsteren van het Instituut voor Tropische Geneeskunde toont het onderzoek aan dat donorlanden en -organisaties, waaronder ook de Europese Unie, hun aanpak moeten veranderen om voedselonzekerheid en ondervoeding uit de wereld te helpen.

“We moeten het voedingsonderzoek in Afrika door elkaar schudden en op zijn kop zetten, aldus prof. Kolsteren. “Onderzoekers uit rijke landen doen gezamenlijk onderzoek met Afrikaanse partners op basis van financiële middelen en prioriteiten die buiten Afrika bepaald worden. In plaats daarvan moet de onderzoeksagenda gebaseerd zijn op noden die op het continent zelf zijn vastgesteld. Oproepen van donoren voor nieuwe onderzoeksvoorstellen moeten op deze agenda aansluiten.”

Het SUNRAY-project

In het kader van het SUNRAY-project vonden drie regionale workshops met Afrikaanse voedingsonderzoekers en beleidsmakers  plaats. EU-interventies, gedragsstrategieën en maatregelen op het gebied van voedselzekerheid werden als prioritaire onderzoeksgebieden  aangeduid om de voedselsituatie te verbeteren.

De deelnemers identificeerden vier acties om door Afrika gestuurd voedingsonderzoek te stimuleren: een beter beheer van onderzoek; meer capaciteitsontwikkeling, betere informatie- en communicatiestromen; en onderzoeksfinanciering in lijn brengen met de Afrikaanse prioriteiten.

Om het voedingsonderzoek in Afrika een ander gezicht te geven, stelt het SUNRAY-project een “kennis-hub” onder Afrikaanse leiding voor. Deze hub moet bestaande kennis en doeltreffende oplossingen voor de belangrijkste voedingsproblemen in Afrika in kaart brengen en er voordeel uit halen. De hub moet niet alleen bijdragen tot betere relaties tussen onderzoekers en beleidsmakers, maar ook mechanismen omvatten die ervoor zorgen dat de resultaten van het voedingsonderzoek ten volle benut worden bij de ontwikkeling, programmering en uitvoering van beleidsmaatregelen.

Meer info


Bron: Instituut voor Tropische Geneeskunde
© Foto: ITM_CLachat