Drie Belgische culturele goederen onder versterkte UNESCO-bescherming

Datum: 19 december 2013

Op woensdag 18 december 2013, tijdens de eerste dag van de Achtste vergadering van het Intergouvernementeel Comité inzake de bescherming van culturele goederen in geval van een gewapend conflict, die in het UNESCO-hoofdkantoor in Parijs plaatsvindt, heeft het Comité diverse besluiten genomen. Twee daarvan zijn bijzonder verheugend en positief voor België.

Het Comité (1) heeft Benjamin Goes unaniem herkozen als Voorzitter voor een termijn van één jaar. Hij zal daarmee zijn tweede en laatste mandaat als hoofd van het Comité vervullen en trachten een aantal uitdagingen aan te gaan: de ontwikkeling van synergiën op diverse niveaus (o.a. met het Werelderfgoedcomité), de concretisering van maatregelen die het Comité de mogelijkheid biedt onroerende goederen (andere dan deze op de Werelderfgoedlijst) voor te stellen op de lijst van goederen onder versterkte bescherming, aanmoediging van bekrachtigingen van het Tweede Protocol van 1999 bij het Verdrag van Den Haag van 1954 inzake de bescherming van culturele goederen in geval van een gewapend conflict, de creatie van een specifiek onderscheidend embleem voor culturele goederen die onder versterkte bescherming staan en tevens de ontwikkeling van een globaal actieplan in geval van gewapende conflicten. Dit Voorzitterschap zal des te meer doorslaggevend zijn, gezien 2014 een emblematisch jaar wordt met de herdenking van 100 jaar Groote Oorlog (2014-18), en vooral omwille van de 60ste verjaardag van de Conventie van Den Haag van 1954 en de 15e verjaardag van het Tweede Protocol van 1999 bij de Conventie van Den Haag.

Daarnaast is er nog meer belangrijk nieuws: het Comité heeft besloten om drie culturele goederen (voorgesteld door België) in te schrijven op de Lijst van culturele goederen onder versterkte bescherming (2) (momenteel zijn er vijf). Dit is het resultaat van een langdurig proces dat is geïnitieerd door de Werkgroep voor culturele goederen van de Interministeriële Commissie voor humanitair recht. Dankzij deze Commissie heeft België als eerste Staat achtereenvolgend een Indicatieve Lijst van culturele goederen voor versterkte bescherming (3) (samengesteld uit de 11 Belgische culturele goederen van de Werelderfgoedlijst), en drie dossiers met culturele goederen (afkomstig uit de indicatieve lijst), kunnen indienen voor de toekenning van een versterkte bescherming.

Drie culturele goederen die de status voor versterkte bescherming hebben verkregen zijn:

1. De woning en atelier van Victor Horta, voor het Brussels-Hoofdstedelijk Gewest

Het Horta Museum bevindt zich in het woonhuis en atelier van architect Victor Horta (1961-1947). De woning (gebouwd tussen 1898 en 1901) gelegen in de Amerikaanse Straat in Sint-Gilles, is typisch voor de Art Nouveau-stijl en getuigt van het creatieve genie van zijn architect. In het huis als volledig kunstwerk is het decor (mozaïek, lambrisering, glas-in-loodramen, siersmeedwerk) bewaard gebleven en bevinden zich een collectie meubelen en archieven. Onder de vier huizen van Victor Horta, die ingeschreven staan op de UNESCO-Werelderfgoedlijst sinds het jaar 2000, is het Museum (eigendom van de Gemeente Sint-Gilles), het enige gebouw dat publiek toegankelijk is en dat over een efficiënt beheersysteem beschikt. Om die reden heeft de Regio Brussels Hoofdstedelijk Gewest besloten om het huis voorrang te geven op de lijst voor versterkte bescherming.

2. De neolithische vuursteenmijnen van Spiennes, voor het Waals Gewest

Dit belangrijk archeologisch gebied verspreid zich over meer dan 100 hectaren in de Gemeente Bergen, en staat sinds 7 november 2001 op de lijst voor uitzonderlijk onroerend erfgoed van Wallonië en werd in 2000 ingeschreven op de Werelderfgoedlijst. Deze site getuigt van de uitzonderlijke wijze waarop vuursteen werd ontgint in het neolithische tijdperk en onderscheidt zich door de diversiteit en de duur van de vuursteenontginning. Omvangrijke ateliers en woningen maken tevens deel uit van de ontginingssite. Noemenswaardig zijn de ontginningsputten waarvan een aantal tot wel 16 meter diepte bereiken. Deze site wordt als archeologische reserve beheerd en wordt met een specifiek beveiligingssysteem bewaakt.

3. Het complex woning-atelier-museum Plantijn-Moretus, voor het Gewest Vlaanderen

Het museum Plantijn-Moretus (l’Officina Plantiniana) is een drukkerij-uitgeverij die dateert uit de Renaissance- en baroktijd. Het museum, gelegen in Antwerpen – samen met Parijs en Venetië, een van de drie belangrijkste steden voor de ontwikkeling van de boekdrukkunst in Europa – is nauw verbonden met de geschiedenis van de uitvinding en verspreiding van de typografie. De naam van het museum is een eerbetoon aan de belangrijkste drukker-uitgever uit de twee helft van de XVIe eeuw: Christoffel Plantijn (omstreeks 1520-1589). Naast zijn uitzonderlijke architectuur bevat het monument tevens een belangrijke collectie voorwerpen die tonen hoe men toen leefde en werkte. De drukkerij-uitgeverij was aan het einde van de XVIe eeuw de meest bloeiende van Europa en was tot 1867 in bedrijf. Het gebouw bevat een brede collectie aan oude drukinstallaties, een grote bibliotheek, waardevolle archieven (ingeschreven in het UNESCO-Register van het Geheugen van de wereld) en kunstwerken. Het calamiteitenplan van het museum is operationeel en bijzonder goed uitgewerkt.

Dit succes is het resultaat van een ongekende samenwerking tussen de beheerders van de sites, regionale erfgoedadministraties en federale diensten bevoegd met noodplanning en de Civiele Bescherming.

Op 12 december 2013 heeft Minister Reynders het Egmontpaleis ter beschikking gesteld van de Belgische Interministeriële Commissie voor Humanitair Recht voor een internationaal Colloquium over de bescherming van culturele goederen tijdens gewapende conflicten.

Het werk van de Commissie in België met betrekking tot de verdere implementatie van het internationaal humanitair recht is van onschatbare waarde, daar de bescherming van culturele goederen in tijden van conflict één van haar hoofdtaken is. Een werkgroep binnen de Commissie biedt een platform waar diverse autoriteiten, zowel op federaal, regionaal als op gemeentelijk niveau samenwerken met diverse non-gouvernementele organisaties rond de bescherming van culturele goederen tijdens gewapende conflicten.

Minister Reynders is trots op het feit dat de Belgische diplomatie van belang was in deze verwezenlijkingen.

-------------

1. Voor meer informatie over het Comité: www.unesco.org/new/en/culture/themes/armed-conflict-and-heritage/the-committee/No label found for: as_externallink.alttag

2. Voor meer informatie over het statuut van versterkte bescherming: www.unesco.org/new/en/culture/themes/armed-conflict-and-heritage/protection-of-cultural-property/enhanced-protection/#c201162No label found for: as_externallink.alttag

3. Momenteel is België de enige Staat die een dergelijke lijst heeft ingediend.